Parenteel Jannes Poll - Inleiding Naamlijst Bronnen


Anna Maria (Annie) van Eijk

Dochter van Gerrit van Eijk en Anna Sliwinski, geboren 31-5-1923 Heerlen, overleden 14-2-2000 BelgiŽ Luik Flťmaille Seraing en begraven 17-2 Robermont

Trouwt 2-8-1947 BelgiŽ Luik Engis JoŽl Jean Joseph (JoŽl) Lamine, zoon van Leonard Lamine en Marie Thťrese Collard, geboren 13-2-1911 BelgiŽ Luik Chokier, overleden 9-3-1981 BelgiŽ Luik Huy en begraven 13-3 Robermont

Kinderen:

  1. Gťrard Lucien NoŽl Lamine, geboren 1-5-1949 BelgiŽ Luik Ougrťe, overleden 3-5-2001 BelgiŽ Luik Yvoir
  2. JoŽl Lamine, geboren 16-5-1951 BelgiŽ Luik Ougrťe, overleden 24-7-1987 BelgiŽ Stokay St George

Bronnen:

Email Hendrik Roering 25-6-2011:
Tekenen van leven:
Annie wordt op 31 mei 1923 in Heerlen geboren. Vader Geert werkt sinds april 1919 als houwer in de staatsmijn Oranje-Nassart III. Moeder Anna is welisvaar in Duitsland geboren, haar familie stamt echter uit Polen. Als Annie drie jaar oud is komt Moeder te overlijden en blijft zij met Vader orver in hun huis in de Vrankkolonie 7 in de buurtschap "De Vrank" in haar geboortestad. Vader gaat dan met haar bij zijn ouders inwonen. Deze wonen dan in de Mesdagstraat 7 in de wijk "Meezenbroek". Later wordt verhuisd naar de Jozef Israelstraat 7. ln 1929 hertrouwt vader met Emma NiedenfŁhr. In 1932 krijgt zij er een broertje bij, Edie. Annie doorloopt de lagere school te Heerlen en gaat daarna naar de huishoudschool. In het sociale leven is zij lid van de mandolineclub waarin Vader Gerrit de contrabas bespeelt. Zelf is Anrtie bedreven in het bespelen van de citer. De mandolineclub speelt ook elders in het land, in elk geval vinden wij hen tijdens de mobilisatietijd in Arnhem.

Als in mei 1940 de Duitsers ons land binnenvallen is Annie nog net geen l7 jaar oud. Hoewel een groot deel van de Heerlense bevolking banden met het voormalige Duitse keizerrijk heeft wordt de komst van "De Pruus" door verreweg de meesten niet op prijs gesteld. Als in 1941 het beruchte persoonsbewijs door de bezetter verplicht wordt ingevoerd, krijgt ook Annie zo'n document, dat als identificatie is gemerkt met H40 No.006645. dd 24-6-1941. Annie blijkt dan als dagmeisje werkzaam te zijn. Omstreeks 1943 maakt zij met een vriendin - en ongetwijfeld een aantal andere Heerlenaren - een uitstapje naar Volendam. Uiteraard wordt deze gebeurtenis voor het nageslacht vastgelegd op de foto, waarbij de vriendin de vrouwendracht van de bezochte plaats draagt en Annie, als Volendamse visserman gekleed, met verve het zeemansorgel (trekharmonica) hanteert. In de loop van de oorlog is Annie verloofd met Peter Henningfeld. Peter is in Heerlen geboren uit Duitse ouders, woonachtig in de wijk "Musschemig". Ook zijn vader is mijnwerker. Peter moet als hij de leeftijd heeft om soldaat te worden, omdat hij als rijksduitser Duits staatburger is, zijn weerdienst verullen bij de Deutsche Wehrmacht. Hij wordt ingedeeld bij de Flak (Flieger Abwehr Kanone = luchtdoelartillerie). Peter is in actie bij Frankfurt (am Main of am Oder) wanneer hij sneuvelt tijdens een geallieerde luchtaanval.

Na de oorlog verlaat Annie ons land om in BelgiŽ te qaan wonen. Zij trekt in bij de zus van haar overleden moeder. tante Stella (Stanislawa) Sliwinski Deze tante is al ruim voor de tweede wereldoorlog naar BelgiŽ gegaan waar zij kennis krijgt aan Arthure Toniotti, waarmee ze trouwt. Voor de oorlog wordt zij verlost van een zoon, Freddy genaamd. Arthure Toniotti, die in l940 naar het front vertrekt, wordt in 1945 als vermist opgegeven. Hierna hertrouwt tante Stella met Louis Lange. Enige tijd later keert onze vriend Toniotti weer terug. Dus is tante Stella in feite een bigamiste. Getuige een aantal foto's heeft tante Stella artistenbloed. Op een vooroorlogse affiche wordt zij afgebeeld in een lange rŰbe en een vossebont over de gevouwen handen. Tijdens haar optreden op feestavonden zien wij haar niet alleen als zangeres optreden. Stella speelt ook viool en ook zien wij haar achter het drumstel van een bandje dat muziek verzorgt op bruiloften en partijen. De vier ooms Sliwinski hebben zich in de loop van de 20-er jaren al in Frankrijk gevestigd en verspreid. Annie vindt werk in de kruitfabriek van Engis, in Clermont sous Huy. Het is een fabriek waar kruitkorrels worden gemaakt voor dynamiet. Naast de kruitfabriek staat de wapenfabriek van FN (Fabrique National des Armes LťgŤres) en weer daarnaast de onderneming Gobiet. Annie leert JoŽl kennen als ze op zekere dag in elkaars nabijheid komen te werken. Na enige tijd gaat Annie - die ook korte tijd bij FN werkt - bij JoŽl en diens ouders in huis wonen. Zij wonen aan de Rue Joseph Wauters 10 in Awirs.

JoŽl wordt op 13 februari 1911 geboren in Chokier in de Belgische provincie Luik. JoŽls 33-jarige, in Saint Georges geboren, vader is als voorman werkzaanr in een constructiewerkplaats, zijn 30-jarige moeder aanschouwt levenslicht in Awirs. Bij huwelijk is JoŽl ouvrier monteur vermoedelijk voorman monteur) woon achtig te Awirs. Volgens schoondochter Viviane Lamine Leonard werkt hij bij de onderneming Gobiet. JoŽl heeft het vak waarschijnlijk in dit bedrijf geleerd. Zijn vader werkt er ook. Deze fabriek heeft ploegen monteurs die op lokatie de gefabriceerde constructies in elkaar zetten. Bij hun huwelijk op 2 augustus 1947 overlegt JoŽl het bewijs dat hij aan zijn verplichting ten aanzien van de Nationale Militie heeft voldaan. Omdat JoŽl aan een erfelijke astma lijdt is hij voor militaire dienst afgekeurd en heeft hij derhalve tijdens en na de Duitse inval in BelgiŽ, die net als in Nederland op l0 mei 1940 plaats heeft, geen strijd hoeven te leveren. Voor Annie treedt op als getuige haar oom Alojzy Sliwinski, wonende te Frankrijk (vermoedelijk Rijssel).

Annie en JoŽl, die door Viviane Lamine Leonard als brave en gezellige mensen worden omschreven, verhuizen na het overlijden van JoŽls moeder op 12 septeber 1952 naar de Rue Flťmalle. ook in Awirs. Vader Lamine is al eerder overleden, op l3 maart 1948. Na l96l verhuizen ze naar een onbekend adres in Rarmioul, waar beiden in een tehuis in Esneux werken, JoŽl in de tuin, Annie in de verzorging. Tenslotte verhuizen zij naar de Rue de la Goff 10 in Engis. De eerste jaren van hun trouwen blijven zowel Annie als JoŽl werken tot in mei l949 hun eerste zoon Gťrard in het ziekenhuis van Ougree wordt geboren, in februari 1951 gevolgd door JoŽl Jr. in dezelfde plaats. Arnie blijft dan als huisvrouw thuis tot de kinderen beide naar school kunnen. In 1955 gaat zij als gezinshulp werken, hetgeen inhoudt dat zij, waar nodig, het huishouden doet. Tot 1978 zal Annie als zodanig werkzaam zijn. JoŽl is een groot liefhebber van de hengelsport. Hij vindt het heerlijk om 's-morgens of op een namiddag aan de waterkant le zitten om de vissen te plagen. Van lieverlee krijgt hij meer en meer last van zijn astma en longenfyseem. In 1973 wordt JoŽl geopereerd aan maagkanker waarbij een deel van de maag wordt weggenomen. Hij zal hierna nooit meer in het arbeidproces worden opgenomen. Thuis echter helpt hij Annie zoveel mogelijk in de huishouding, zodat zij buitenshuis aan de slag kan blijven. In 1979 begint JoŽl beetje bij beetje zijn geheugen te verliezeu t.g.v. aderverkalking en begin 1981 wordt hij na een val aan zijn dijbeen geopereerd in de Clinique Communale aan de Rue des Tres Ponts in de stad Huy, provincie Luik. Na de operatie treden er infecties op, waardoor de wond met koudvuur wordt geÔnfecteerd. Schoondochter Viviane Lanmine Leonard - die ons de hier vermelde informatie verstrekte - spreekt van "gants graine" (: gangreen). Hieraan overlijdt hij op 9 maart l98l en wordt op 13 maart daar op volgend in Robermont ter aarde besteld. Annie woont dan nog in de Rue de la Goff 10 in Engis. Een grote klap voor Annie is het volkomen onverwachte overlijden van haar jongste zoon in juli 1987.

In 1994 ondergaat Annie een borstoperatie waarbij een gezwel wordt verwijderd. Later komt zij thuis ten val waardoor zij ter hoogte van het polsgewricht moet worden geopereerd. Hierbij wordt een stalen pen ingebracht. Na ruim vier maanden bij haar zoon JoŽl te hebben ingewoond wil ze weer terurg naar haar huis in Engis. Annie blijft echter vallen en omdat zij niet meer op zichzelf kan wonen wordt zij op 20 mei 1999 in een rusthuis aan de Chaussťe de Ramioul nr. l84/1 in Chokier, gemeente Flťmalle ondergebracht. In de loop van januari 2000 moet Annie vanwege bronchitis in het ziekenhuis te Seraing worden opgenomen. Zij zal dit ziekenhuis niet levend verlaten. zij krijgt longontsteking tengevolge van ziekenhuisbacterieŽn, tengevolge waarvan zij op 14 februari 2000 overlijdt. Ook zij vindt haar laatste rustplaats op 17 februari d.a.v. in Robermont.


© Gijs van Roekel, Maarn 2010 - Ga naar begin